‘Als een trauma niet wordt (h)erkend dan kan het blijvende invloed hebben’

De TSCC-vragenlijst over traumasymptomen verscheen deze zomer. Deze versie voor jongeren van 10 tot 18 jaar sluit aan bij de in 2014 verschenen TSCYC (3-12 jaar). Beide vragenlijsten werden in Nederland bewerkt en onderzocht door Bas Tierolf, senior-onderzoeker bij het Verwey-Jonker Instituut.

Wanneer zet je de TSCC in?

Het is een goede indicatie van psychisch trauma en de ontwikkeling daarvan. Als een kind iets heftigs meemaakt, gaat de score duidelijk omhoog. Traumasymptomen zijn vaak helemaal niet zo zichtbaar, terwijl het een heel groot effect heeft op het gedrag, de schoolprestatie en het emotioneel welbevinden. Door daar beter zicht op te krijgen, kun je een kind veel beter behandelen. Ook als er alleen een vermoeden van een trauma is (bijvoorbeeld mishandeling) is het al goed om het instrument af te nemen. Je wilt een trauma nooit missen, want het heeft de rest van een leven invloed als je er niet snel bij bent!

En wat kun je met de uitkomsten?

Er bestaan heel goede traumabehandelingen, terwijl een kind zelf vaak niet kan bedenken hoe hij of zij met zo’n ervaring om moet gaan. Als een trauma niet wordt er- en herkend dan kan het blijvende invloed hebben. Dat zie je terug op school, maar ook in relaties en weer bij de eigen kinderen: getraumatiseerde ouders hebben vaak getraumatiseerde kinderen. Dat is een drama voor mensen zelf, en meestal ook een groot verlies aan mogelijkheden voor de maatschappij.

Bedenk wel: dit is geen enkelvoudig verband. De weerbaarheid verschilt enorm en het ene kind is veel gevoeliger dan het andere. Hoe een kind met de ervaring omgaat is dan ook belangrijker dan welke traumatische gebeurtenis het was. Maar scoort een kind of jongere hoog op de TSCC, dan weet je zeker dat er wat ernstigs aan de hand is. Aanvullende diagnostiek is meestal nog wel nodig, maar je kunt er dan eigenlijk al vanuit gaan dat traumabehandeling de aangewezen keuze is. Natuurlijk kunnen trauma’s ook vanzelf overgaan, maar niet behandelen blijft een risico.

Wat is het verschil tussen de nieuwe TSCC en de TSCYC?

De TSCC is een zelfrapportagelijst, dus wordt niet door een informant ingevuld. Voor iets dat zo persoonlijk is als een trauma is dat een voordeel: met zelfrapportage kun je direct vragen wat een iemand zelf voelt. Maar dat werkt natuurlijk alleen goed vanaf een bepaalde leeftijd. Een mogelijk nadeel is dat jongeren sociaal wenselijk kunnen invullen. Gelukkig hebben beide vragenlijsten goede validiteitsschalen (Ontkenning en Overdrijving), die ook echt betekenis hebben.

Hoe gaat je eigen onderzoek nu verder?

We zijn begonnen met het derde cohort van onze studie om huiselijk geweld en kindermishandeling in kaart te brengen, met onder andere de nieuwe TSCC. De uitkomsten worden gebruikt door het CBS voor de ‘monitor huiselijk geweld’, en het ministerie van VWS wil weten of de aanpak effectief is. We hopen uiteraard dat bij vervolgmetingen verbetering zichtbaar is. Tot nu toe blijkt alleen specifieke traumabehandeling echt duidelijke verbetering op te leveren. Zulke gerichte behandeling is duur, maar onbehandelde trauma’s hebben generaties lang invloed. Dat is op termijn nog veel duurder!

Meer informatie over de TSCC en de TSCYC vindt u op www.hogrefe.nl

Meer over het werk van het Verwey-Jonker Instituut leest u op www.verwey-jonker.nl

Klik hier voor meer informatie over de TSCC

Bas Tierolf

Bas Tierolf is als senior onderzoeker verbonden aan het Verwey-Jonker Instituut bij de onderzoeksgroep Jeugd, opvoeding en onderwijs. Hier is hij betrokken bij onderzoeksprojecten over kindermishandeling, huiselijk geweld en jeugdzorg. Daarnaast is hij werkzaam aan de Vrije Universiteit Amsterdam op de afdeling Pedagogiek/Ontwikkelingspsychologie, waar hij zich bezighoudt met de analyse van de ontwikkeling van getraumatiseerde kinderen.