Borderline-persoonlijkheidsstoornis

Mijke Tak

Als kind al had ik ontzettend veel woedeaanvallen. Ik was zeer impulsief, liep vaak weg. Hoe lastig ik ook was, op school presteerde ik redelijk. Ik heb een studie Personeel & Organisatie en een coachingopleiding afgerond, prima banen gehad. Dan lijkt het misschien goed te gaan. Maar liefdesrelaties waren altijd een probleem. In mijn werk verveelde ik me snel, gedroeg me dan bewust dwars zodat ik werd weggestuurd. Of ik nam zelf ontslag. Constant ervoer ik onrust, onvrede, het kon altijd beter, intenser, dramatischer. Ik ging vaak uit, haalde nachten door, gebruikte intensief cocaïne met zware financiële problemen tot gevolg.

Pas rond mijn zevenentwintigste besefte ik dat er iets goed mis was. Ik zat thuis met een burn-out, tenminste, dat zei de bedrijfsarts. Maar er was veel meer loos. Ik had totaal geen zin om op te staan, kwam de deur niet uit, deed de gordijnen niet open, verwaarloosde mezelf. Niets interesseerde me. Mijn huisarts had antidepressiva voorgeschreven, maar die hielpen niet. Op mijn knieën ben ik naar mijn ouders gegaan en heb hen verteld dat ik er niet meer uitkwam. Zij boden aan financieel te helpen, op voorwaarde dat ik in therapie zou gaan. Ik was altijd al hun probleemkind, zij hadden ook wel door dat het alleen nog erger kon worden.

Mijn huisarts verwees me naar een psychiater. Na driekwart jaar praattherapie bespeurde hij te weinig vooruitgang in mijn gedrag en stemming, en stelde hij opname in een psychisch herstelcentrum voor. Dat zag ik aanvankelijk totaal niet zitten. Me toch laten overhalen, ook door vrienden. Ik heb er diverse therapieën gevolgd, assertiviteitstrainingen, ontspanningsoefeningen. Op een gegeven moment zeiden medewerkers hoe vervelend het was dat ik borderline had. Stond blijkbaar in mijn rapportages. Ik wist niet eens wat dat was! Toen kreeg ik ook het advies contact te zoeken met De Wende, een ggz-instelling voor volwassenen met allerlei vormen van extreem gedrag. Daar heb ik vijftien maanden intern gezeten. Ik volgde er Mentalized Based Therapy. Die leert je, zeg maar, crises te voorkomen en waarom je soms zo boos wordt.

Niks is leuk, alles is negatief

Je wilt niet weten hoe vaak ik ontwaak met gedachten als: jammer dat ik vannacht niet ben overleden. Niet dat ik suïcidaal ben, maar gevoelsmatig vind ik er geen zak aan. Niks is leuk, alles is negatief. Maar dat is nu eenmaal wie ik ben, dat is het dysthyme aan mij. Ik kan mezelf nu meer accepteren, mijn pieken en dalen, dat heb ik wel geleerd in therapie. Ik moet niet in die depressieve toestand blijven hangen, want ik weet dat ik er ook weer uitkom. Bovendien, ik wil verder met mijn leven!

Twee ochtenden per week werk ik als vrijwilliger op een school voor speciaal onderwijs, ik doe er de personeelszaken en financiële administratie. Van het UWV hoef ik niet meer te solliciteren, de verzekeringsarts vindt het goed als ik me op deze manier stabiel kan voelen. Toch was dat ook een klap. Ik kan immers thuis zitten tot mijn AOW, terwijl ik genoeg geestelijke bagage heb om meer uit mijn leven te halen. Maar als ik dat probeer, loop ik mezelf weer voorbij. Ik heb nu iets meer berusting. Borderline is vreselijk. Therapie helpt, maar je moet er dag in dag uit keihard aan werken dat het goed blijft gaan. Dat vreet energie.

Mensen denken vaak dat borderliners om het minste of geringste iemand een mes tussen de ribben steken. Maar ik zal nooit agressief naar anderen zijn, ja, desnoods dat mes in mezelf steken. Ik zorg dat anderen geen last van mijn buien hebben. Dan doe ik de deur wel op slot en kom weer naar buiten als het beter gaat. Hopelijk dat de psychologie en psychiatrie ooit onderscheid gaan maken tussen introverte en extroverte borderline.

Meer interessante portretten lezen?

Door de DSM-5 kunnen zorgprofessionals in wetenschappelijk onderbouwde, gemeenschappelijke vaktaal met elkaar communiceren. Maar hoe praten mensen met een toegekende psychische stoornis daar eigenlijk zélf over? In What’s wrong with me? worden vijftig portretten in woord en beeld geschetst: niet als ode aan psychopathologie, maar als ode aan individuele verschillen.

Meer lezen over borderline?

Voor Borderline belevenissen heeft Kitty van der Heijden mensen met borderline en hun naasten geïnterviewd. Hun eerlijke antwoorden schetsen zonder uitzondering een aangrijpend beeld van een leven vol pieken en dalen. Zoals Iris, moeder van twee dochters met borderline, het verwoordt: ‘Ik zeg weleens: zij hebben borderline, maar wij krijgen het… Wij gaan verplicht mee met alle pieken en dalen’